Een ring van 18 karaat bestaat voor 75% uit goud, of hij nu geel, wit of rosé is. Het overige kwart bepaalt de kleur. Over het goudgehalte zelf lees je meer in goud: karaat en legeringen.
Geelgoud
Goud gemengd met zilver en koper, in evenwicht. Het vraagt het minste onderhoud: wat je ziet is het metaal zelf, door en door. Krassen kun je laten wegpolijsten en de kleur verandert nooit. Hoe hoger het karaat, hoe dieper het geel.
Roségoud
Meer koper in het mengsel geeft een roze tot roodachtige kleur. Net als geelgoud is het door en door van dezelfde kleur en heeft het geen laagje nodig. Het koper maakt de legering iets harder. Mensen die gevoelig zijn voor koper reageren er een enkele keer op.
Witgoud
Goud heeft geen witte vorm, dus witgoud is goud gemengd met witte metalen, tegenwoordig meestal palladium. Het resultaat is niet helderwit maar warmgrijs. Daarom worden de meeste witgouden sieraden gerhodineerd: ze krijgen een laagje rhodium, een helderwit metaal uit de platinafamilie.
Dat laagje slijt. Na een jaar of een paar jaar, afhankelijk van hoe de ring wordt gedragen, komt de warmere kleur eronder tevoorschijn, eerst aan de onderkant van de ring. Een goudsmid kan hem opnieuw rhodineren. Het is normaal onderhoud, maar het is goed om het vooraf te weten. Sommige goudsmeden laten palladiumwitgoud bewust ongerhodineerd: de kleur is grijzer, maar verandert nooit.
Nikkel
Vroeger werd witgoud vaak met nikkel gelegeerd, en in sommige delen van de wereld gebeurt dat nog steeds. Nikkel is de meest voorkomende oorzaak van een sieradenallergie. In de Europese Unie is wettelijk beperkt hoeveel nikkel een sieraad mag afgeven. Heb je een gevoelige huid, vraag dan om palladiumwitgoud, of kies voor platina.
Kleuren combineren
Kleuren kun je in één sieraad combineren: een gele ring met een witte zetting is een klassieker, omdat witte pootjes een diamant witter doen lijken. Tweekleurige trouwringen zijn een manier voor partners met een verschillende smaak om toch een paar te dragen dat bij elkaar hoort.
Welke kies je
Kijk naar wat je al draagt en naar je huidtint, en houd de kleuren tegen je hand. Wat onderhoud betreft: geel- en roségoud vragen niets, gerhodineerd witgoud moet af en toe opnieuw worden gerhodineerd.






