Opaal is verharde kiezelgel waar nog wat water in zit. Edelopaal laat kleurenspel (play-of-colour) zien: vlekken zuivere kleur die verschuiven als de steen beweegt. Dat komt doordat het licht gebroken wordt op minuscule bolletjes kiezel die in een regelmatig patroon gestapeld zijn.
De belangrijkste soorten
- Witte of lichte opaal: een bleke ondergrond met kleurenspel, vooral uit Zuid-Australië.
- Zwarte opaal: een donkere ondergrond waardoor de kleuren eruit springen. Hij komt uit Lightning Ridge in Australië en is de kostbaarste opaal.
- Boulderopaal: dunne adertjes opaal die samen met de bruine ijzersteen waarin ze ontstaan zijn geslepen worden, uit Queensland.
- Vuuropaal: doorzichtig oranje tot rood, vaak zonder kleurenspel, vooral uit Mexico.
- Ethiopische opaal: helder van kleur en vaak heel levendig. Veel ervan is hydrofaan: de steen neemt water op en kan tijdelijk doorzichtig worden of van kleur veranderen als hij nat is.
Massief, doublet of triplet
Een massieve opaal is door en door opaal. Een doublet is een dun plakje opaal dat op een donkere onderlaag gelijmd is. Bij een triplet komt daar nog een doorzichtig kapje bovenop. Doubletten en tripletten kosten veel minder en moeten als zodanig verkocht worden. Bekijk de steen van opzij: een rechte lijmnaad verraadt ze. Leg ze niet in water, want dat kan tussen de lagen trekken.
Dragen
Opaal heeft een hardheid van 5,5 tot 6,5 op de schaal van Mohs en is gevoelig voor stoten. Hij komt het best tot zijn recht in hangers, oorbellen en broches. In een ring heeft hij een beschermende zetting nodig, zoals een kastzetting, en doe je hem af bij werk met je handen. Bekijk welke stenen je elke dag kunt dragen.
Onderhoud
Vermijd hitte, een heel droge omgeving en plotselinge temperatuurwisselingen, want daardoor kunnen fijne scheurtjes ontstaan. Geen ultrasoon reinigen. Een vochtige zachte doek is genoeg.
Opaal is een geboortesteen van oktober. Bekijk sieraden met opaal.
